Premium sportcentrum Hilversum

Veel mensen leiden een zittend bestaan. Op school, op kantoor, in de auto, maar tevens als gevolg van de snelle ontwikkeling op multimediagebied: we zitten steeds meer en langer. Dit heeft grote consequenties voor het menselijke lichaam. Langdurig zitten heeft als gevolg dat gewrichten stijver worden, spieren en pezen slapper, botten brozer en kraakbeen weker. Al deze gevolgen kunnen op den duur klachten veroorzaken. Enkele voorbeelden van deze klachten zijn: artrose, peesontstekingen, osteoporose (botontkalking), rug- en nekklachten, RSI.

Behalve deze lichamelijke klachten heeft ons passieve bestaan tevens gevolgen op de psychische gesteldheid. Langdurige stress en zelfs het "burn out"-syndroom kunnen optreden. Wanneer passiviteit leidt tot klachten, dan is de logische oplossing voor al deze problemen: bewegen.

Waarom bedrijfsfitness

Bedrijfsfitness wordt steeds populairder, en niet zomaar. Sinds de ARBO wetgeving van 1994 en met name de Wet Terugdringing Ziekteverzuim bent u als werkgever (mede) verantwoordelijk voor het welzijn van de werknemer. Bovendien kost ziekteverzuim uw organisatie veel geld.
Kostenbeheersing begint bij preventie. En preventie begint bij bewegingsprogramma's. Die programma's moeten gericht zijn op een toename van de belastbaarheid van medewerkers.

De resultaten:

Bewegingsprogramma's zijn bovendien recreatief en dus leuk voor uw medewerkers. Behalve de fysieke gezondheid biedt bedrijfsfitness werknemers een andere omgeving dan de werkvloer aan waar sociaal contact plaats vindt. Ten slotte heeft bedrijfsfitness ook nog belastingvoordelen.

 

Bedrijfsfitness - Belastingdienst: hoe werkt het?

Of u binnen uw bedrijf nu gebruik maakt van de werkkostenregeling of nog de oude regeling toepast; het is mogelijk uw werknemers een fitness-abonnement te bieden met belastingvoordeel. Door als werkgever het fitness-abonnement te betalen en de kosten te verrekenen met het brutoloon van uw werknemers, besparen uw werknemers op de belasting en de werkgever bespaart op de sociale lasten. Op deze manier probeert de Belastingdienst het sportgedrag van werkend Nederland te stimuleren. Maar er zitten een aantal belangrijke verschillen tussen de oude en de nieuwe situatie.

Oude situatie
Zo is het in de oude situatie nodig om aan de Belastingdienst te kunnen tonen dat het fitnesscentrum waar de werknemers sporten een contract heeft met het bedrijf. Daarnaast zijn alle werknemers van één productielocatie beperkt tot dat ene fitnesscentrum. Het is niet mogelijk een eigen centrum uit te zoeken.

Nieuwe situatie: De werkkostenregeling
Onder de werkkostenregeling heeft de Belastingdienst dit versoepeld. Niet langer bestaat er de noodzaak eerst een contract met een fitnesscentrum aan te gaan. Tegenwoordig kan een werknemer een eigen fitnesscentrum uitzoeken en de kosten bij de werkgever indienen. Deze verrekent ze als vanouds met het brutoloon, waardoor zowel werknemer als werkgever besparen.
Wanneer de werkgever er zorg voor draagt dat de kosten niet buiten de forfaitaire ruimte komen, zal er geen eindheffing plaats vinden. Tevens is er niet langer de noodzaak uitgaven minutieus op te splitsen per werknemer. De Belastingdienst heeft met de komst van de werkkostenregeling de administratie voor het doen van vergoedingen en verstrekkingen als werkgever flink versimpeld.


afdrukken
menu Deze maatwerk website wordt onderhouden met de Websitemachine.nl